Veelgestelde vragen

Waarom wordt publiekelijk aan bedrijven gevraagd om een Expression of Interest te sturen?

Het Porthos-project wordt ontworpen als algemeen toegankelijke transport- en opslaginfrastructuur waarop meerdere partijen CO2 kunnen aanleveren. Ieder bedrijf heeft de kans om zich aan te melden om CO2 te leveren aan het systeem. Bedrijven worden gelijk behandeld. Vandaar dat er een openbare oproep is gedaan aan bedrijven. Daarnaast zet het proces bedrijven aan concreet kenbaar te maken wat ze willen. Met die informatie kan het systeem geoptimaliseerd worden.

Wat is een Expression of Interest?

In een Expression of Interest geven bedrijven aan dat ze concreet geïnteresseerd zijn om CO2 aan te leveren aan Porthos voor opslag onder de Noordzee of gebruik in de kassen. De bedrijven geven aan om hoeveel CO2 het gaat en per wanneer ze dat willen en kunnen leveren.

Waarom wordt dit CO2-project ontwikkeld?

Om de CO2-uitstoot naar de lucht op korte termijn te verminderen. Hiermee kan een bijdrage geleverd worden aan de klimaatdoelstellingen in Nederland en de energietransitie. CCUS is sneller toepasbaar dan bijvoorbeeld de elektrificatie van industriële processen (en dan duurzaam opgewekte elektriciteit te gebruiken) of ‘groene’ waterstof in te zetten als energiebron. Voor olieraffinaderijen en de chemiesector biedt CCUS de mogelijkheid om de CO2-uitstoot te verminderen in de periode dat zij de transitie naar biobased, hernieuwbaar of circulair nog niet gemaakt hebben.

Welke partijen gaan de CO2 aanleveren?

Dat weten we nog niet. We voeren gesprekken met verschillende bedrijven in de industrie in het Rotterdamse havengebied die veel CO2 uitstoten, zoals olieraffinaderijen en chemiebedrijven. Een aantal partijen heeft een duidelijke intentie uitgesproken om met ons in de volgende fase te kijken naar verdere details om het project te ontwikkelen.

Wanneer start de opslag van CO2?

Op dit moment kunnen we daar nog geen antwoord op geven. We werken nu aan een financiële en technische onderbouwing van het project en we verwachten in 2020 een definitief investeringsbesluit te kunnen nemen. Dan zal ook meer duidelijk worden over de start van het project.
Of het project doorgaat is in belangrijke mate afhankelijk van het Klimaatakkoord. Immers, in het Klimaatakkoord worden afspraken gemaakt hoe we in Nederland de CO2-uitstoot in de lucht verminderen en welke plaats CCUS hierin vervult.

Ontvangt u subsidie voor dit project?

Om dit project verder te ontwikkelen is financiële steun nodig en we hebben subsidie aangevraagd. In juli 2018 is subsidie in het kader van Topsector Energie toegekend door RVO. Wij oriënteren ons op mogelijkheden voor subsidies uit Europa.

Waar komt de CO2-pijpleiding te liggen?

Op dit moment worden twee verschillende mogelijke tracés bekeken. Het meest logisch is om gebruik te maken van de bestaande leidingstraat naast de A15 tussen Vondelingenplaat (Pernis) en de Maasvlakte. Vanaf daar kan de pijpleiding dan onder de Noordzeebodem naar een leeg gasveld 25 km uit de kust worden gelegd.
De uiteindelijke keuze hangt af van verschillende factoren, zoals de technische mogelijkheden, de plek van het compressorstation, de kosten en de effecten op het milieu. Dat laatste wordt onderzocht in de Milieueffectenrapportage (m.e.r.).

In welk veld wordt de CO2 opgeslagen? En van wie is dat veld?

Er zijn verschillende velden voor de kust. We zijn in gesprek met TAQA om te onderzoeken of de P18-locatie op de Noordzee zou kunnen dienen als opslaglocatie. Omdat de TAQA-velden het dichtst bij de Maasvlakte liggen, lijkt dit een logische keuze.

Waarin verschilt dit project van de eerdere initiatieven rond CO2-afvang en -opslag?

Het Rotterdam CCUS-project Porthos gaat uit van een openbare verzamelleiding voor CO2, een robuuste basisinfrastructuur. Bedrijven die CO2 willen afvoeren, kunnen aansluiten op dit netwerk. Nu, maar ook later. Door dit concept met een open basisinfrastructuur zijn er flinke kostenvoordelen ten opzichte van op zichzelf staande projecten te behalen.
Een deel van de CO2 wordt gebruikt in de kassen en het overgrote deel gaat per pijpleiding naar een leeg gasveld dat circa 25 kilometer uit de kust ligt onder de Noordzee. Daar wordt de CO2 in de diepe ondergrond onder de zeebodem gepompt, in het afgesloten reservoir van zandgesteente waar zich voorheen aardgas bevond. Anders dan bij het ROAD-project (Rotterdam Opslag en Afvang Demonstratieproject), richten wij ons op de industrie waarvoor voorlopig geen duurzame alternatieven zijn, zoals olieraffinaderijen en de chemiesector.
Door de CO2 op te slaan onder de Noordzee verwachten we directe zorgen voor de bebouwde omgeving weg te nemen.